> Home

Bestaande gebouwen verbeteren

Eén van de expertisedomeinen van SCV is het energiezuiniger, gezonder, comfortabeler en veiliger maken van bestaande gebouwen. Wij stellen becijferde oplossingen voor wat betreft energiebesparing, ventilatie, geluidscomfort en brandveiligheid.

1. Energiebesparing

In ons land zijn de gebouwen verantwoordelijk voor 40 % van het energiegebruik. Daarom hebben wij er alle belang bij te besparen waar het kan, zonder ons comfort te verlagen.

Wij vergelijken eerst de kengetallen van uw energiegebruik (brandstof en elektriciteit) met landelijke referenties. Wij bekijken achtereenvolgens in het gebouw:

  1. Energiezorg
  2. Gebouwenschil:dak,deuren,zoldering,zonnewering,…
  3. Warmteproductie en -verdeling
  4. Warmte-afgifte: radiatoren en/of vloer
  5. Sanitair warm water
  6. Ventilatie
  7. Verlichting
  8. Elektrische apparatuur:computers,machines.
  9. Varia: koudwatergebruik

Voor elk luikje stellen wij verbeteringen voor en becijferen de jaarlijkse besparingen. We schatten de kostprijs van de verbeteringswerken. Zodoende krijgt u een idee van de terugverdientijd van de investering.

2. Ventilatie

Om een behaaglijke luchtkwaliteit te hebben, moet het CO2-gehalte beperkt blijven tot 1180 ppm. Bijna alle niet-geventileerde en drukbezette zalen in Vlaanderen overschrijden deze norm, sommige tot 5000 ppm.

Gevolgen: onfrisse geur, hoofdpijn, sufheid, concentratieverlies

Ook de 40 g afgegeven waterdamp per aanwezige en per uur moet afgevoerd worden.

Voor een gezond binnenklimaat is minstens 22 m3 verse lucht/uur/persoon nodig (norm IDA 3).

Wij berekenen de behoefte aan ventilatie van de verschillende lokalen. Wij belichten de soorten ventilatiesystemen met hun voor- en nadelen. Wij bekijken samen met de klant de mogelijke plaatsen van de ventilatoren en van de kokers. We spreken over de mogelijke regelingen met een klok of i.f.v. de bezetting van het lokaal.

We becijferen de kostprijs van de installatie en het jaarlijkse elektriciteitsverbruik.

3. Geluidscomfort

Waar het geluid van vele gelijktijdige menselijke gesprekken door de wanden te fel teruggekaatst wordt. moeten de aanwezigen steeds luider spreken om verstaanbaar te zijn. Zo belandt men in de vicieuze cirkel die bekend staat als het opslingereffect of cocktailparty-effect. Hieraan kan een oplossing gegeven worden door het plaatsen van bijkomende geluidsabsorptie-panelen. Een akoestische meting moet bepalen hoeveel bijkomende geluidsabsorptie de zaal nodig heeft om volgens internationale normen comfortabel te zijn.

Wij gaan als volgt te werk:

Wij komen met moderne meetapparatuur naar de lege zaal en meten de nagalmtijd. De nagalmtijd is gedefinieerd als de tijd die nodig is om het geluidsdrukniveau te laten afnemen met een factor 1 miljoen of met 60 dB, als de geluidsbron plots uitgeschakeld wordt.

Wij meten 6 nagalmtijden in opeenvolgende octaven, nl. van 125 tot 4000 Hz. De nagalmtijd bij 1000 Hz is kenmerkend voor menselijke gesprekken.

Uit de gemeten nagalmtijd bij 1000 Hz en het volume (m3) van het lokaal wordt de actuele oppervlakte aan absorptie berekend. Deze wordt vergeleken met de berekende oppervlakte absorptie die nodig is om de nagalmtijd bij 1000 Hz voorgeschreven door de Duitse normen te verwezenlijken. Het verschil tussen de nodige absorptie en de actuele absorptie, beiden in m2, moet bijgeplaatst worden. Dit kan aan plafond of muren, volledige oppervlakten of delen ervan, zoals eilanden of baffles.

Met catalogi en foto’s kunnen wij de klant alle mogelijke informatie geven over de akoestische absorptiepanelen die op de markt verkrijgbaar zijn.

Indien de klant de verbeteringswerken laat uitvoeren, kan hij na de werken, tegen betaling, terug de nagalmtijd laten meten, zodat hij de verbetering zwart op wit kan zien. Ook foto’s zullen genomen worden om het dossiertje te vervolledigen.

4. Brandveiligheid in het gebouw

Wanneer men een gebouw analyseert in de boven genoemde domeinen en hierbij geen aandacht schenkt aan de brandveiligheid, dan laat men ongetwijfeld een ideale kans liggen om het gebouw compleet te verbeteren.

Brandpreventie is gegroeid uit volgende doelstellingen:

  • de brand- en rookverspreiding in een gebouw te beperken,
  • de brandoverslag naar andere gebouwen te vermijden,
  • de evacuatie van aanwezige personen uit het gebouw te garanderen,
  • de brandweerinterventies zelf veilig te laten verlopen .

Ons doel bij een verkennend bezoek is het brandrisico perfect in te schatten qua brandlast van de inboedel, de gevoerde activiteiten, de opslagplaatsen en ook qua technische installaties waaronder we verstaan: o.a. de elektrische installaties, de gasinstallatie en de verwarming.

Wij evalueren welke maatregelen nodig zijn om een voldoening gevende oplossing voor te stellen door een juiste materiaalkeuze aan te bevelen. Ook de evacuatieproblematiek wordt besproken in functie van de bestemming van het gebouw en zijn toelaatbare bezettingsgraad. Hierbij laten we ons wel leiden door en baseren we ons op wat van kracht en van toepassing is voor een nieuw te bouwen gebouw.

Ons advies zal tot doel hebben een oplossing voor te stellen om de bestaande compartimentering te verbeteren. Er wordt dan gewag gemaakt van de vereiste brandweerstand van de bouwelementen zoals daar zijn wanden, muren, plafonds en deuren. Ook de brandreactie van de gebruikte bouwmaterialen wordt besproken. Inspelen op verbetering van de brandweerstand en de brandreactie noemt men “Passieve Beveiliging” omdat men daardoor alléén bouwkundig het gebouw zelf verbetert .

Wanneer men extra wil ingrijpen op de inhoud van het gebouw door het bijplaatsen namelijk van een detectie-en alarminstallatie, muurhaspels met hydranten, brandblussers of zelfs sprinklers, veiligheidsverlichting spreekt men van “Actieve Beveiliging”.

Wij kunnen informatie bezorgen over de aangewezen middelen en methodes en hiervoor gespecialiseerde firma’s contacteren.

De beveiliging tegen inbraak is nog een ander domein maar maakt geen deel uit van dit opzet. Weze wel opgemerkt dat beveiliging tegen brand én tegen diefstal en inbraak vaak totaal onverenigbaar zijn. Een totaal bevredigende oplossing hiervoor ligt niet voor alle gebouwen voor de hand.